Conservatorium aan Zee




 

Kunstacademie aan Zee


Hoofdstuk 1

Algemene bepalingen

Artikel 1

Bij de jaarlijkse inschrijving van een leerling en nadien bij elke wijziging overhandigt de directeur aan de leerling en aan de ouders van de minderjarige leerling het Schoolreglement en het artistiek pedagogisch project.
Een handige jaarlijkse informatiebrochure met praktische informatie en afspraken voor de leerlingen en de ouders van de minderjarige leerlingen wordt meegegeven bij elk nieuw schooljaar.

De meerderjarige leerling en de ouders van de minderjarige leerling ondertekenen het Schoolreglement én het artistiek pedagogisch project van de school voor akkoord bij de inschrijving.

Het Schoolreglement wordt via elektronische drager (schoolwebsite, e-mail, …) aan de leerling en de ouders van de minderjarige leerling ter beschikking gesteld.

Bij elke wijziging van het Schoolreglement informeert de directeur de leerling en de ouders van de minderjarige leerling schriftelijk of via elektronische drager. De leerling en de ouders van de minderjarige leerling verklaren zich opnieuw schriftelijk akkoord. Indien de leerling en de ouders van de minderjarige leerling zich met de wijziging niet akkoord verklaren, dan wordt aan de inschrijving van de leerling een einde gesteld op 31 augustus van het lopende schooljaar. Leerlingen en ouders die erom vragen, kunnen steeds een papieren versie van het Schoolreglement of het artistiek pedagogisch project krijgen.

Artikel 2

Dit Schoolreglement eerbiedigt de internationaalrechtelijke en grondwettelijke beginselen inzake de rechten van de mens en van het kind in het bijzonder.

Artikel 3

Voor de toepassing van dit Schoolreglement wordt verstaan onder :

  • aangetekend : met aangetekende brief of tegen afgifte van een gedateerd ontvangstbewijs;
  • artistiek pedagogisch project : het geheel van de fundamentele uitgangspunten dat door een Schoolbestuur voor een school en haar werking wordt bepaald;
  • directeur : de directeur van de school of zijn afgevaardigde;
  • extra-murosactiviteiten : activiteiten van één of meer schooldagen die plaatsvinden buiten de schoolmuren en worden georganiseerd voor één of meer leerlingengroepen;
  • graad : een geheel van leerjaren, tijdens dewelke een bepaald opleidingsniveau moet worden bereikt en dat wordt afgesloten met een getuigschrift of een attest;
  • informatiebrochure : een handige jaarlijkse informatiebrochure met praktische informatie en afspraken voor de leerlingen en de ouders van de minderjarige leerlingen (wordt meegegeven bij elk nieuw schooljaar).
  • leefeenheid : leerlingen met ten minste één gemeenschappelijke ouder (dus broers, zussen, halfbroers en halfzussen – zelfs als ze niet op hetzelfde adres wonen) of leerlingen met eenzelfde hoofdverblijfplaats (kinderen die onder hetzelfde dak wonen, maar geen gemeenschappelijke ouders hebben);
  • leerling : de persoon die regelmatig is ingeschreven in de onderwijsinstelling overeenkomstig de reglementaire toelatingsvoorwaarden;
  • leerlingengroep : een aantal leerlingen dat samen voor een bepaalde periode eenzelfde onderwijsactiviteit volgt;
  • lesverplaatsing : is elke les die wordt verplaatst binnen het door de school vastgelegde uurrooster;
  • optie : een samenhangend geheel van vakken dat tot doel heeft een specifieke opleiding te verschaffen;
  • ouders : de personen die het ouderlijk gezag uitoefenen of in rechte of in feite de minderjarige onder hun bewaring hebben;
  • school : het pedagogische geheel, waar deeltijds kunstonderwijs wordt georganiseerd en dat onder leiding staat van een directeur. Een school is gevestigd in een hoofdinstelling, in vestigingsplaatsen in dezelfde stad/gemeente en in filialen (vestigingsplaats in een andere stad/gemeente);
  • Schoolbestuur : de inrichtende macht die verantwoordelijk is voor de scholen van de stad Oostende nl. de Gemeenteraad; inzake daden van dagelijks beheer is het College van Burgemeester en Schepenen bevoegd;
  • Studierichting : in het deeltijds kunstonderwijs onderscheidt men de volgende studierichtingen: Muziek, Woordkunst, Dans en Beeldende kunst.

 

Hoofdstuk 2

Organisatie van de lessen

Artikel 4
Het schooljaar

Het schooljaar start op 1 september en de laatste lesdag valt ten laatste op 30 juni. De zaterdag is een lesdag.

Artikel 5
Openingstijden

De openingstijden van de school en de openingstijden van het schoolsecretariaat worden in het begin van elk schooljaar schriftelijk bekend gemaakt in de informatiebrochure.

Artikel 6
Lesuur

Een lesuur bestaat uit 50 minuten in de studierichting Beeldende kunst.
De leerling moet tijdig aanwezig zijn voor de start van het lesuur.
Het is de ouders van minderjarige leerlingen niet toegelaten de kinderen langere tijd in de school te laten voorafgaand of na een lesuur. De ouder blijft in voorkomend geval verantwoordelijk voor gebeurlijke ongevallen ondanks dat de leerling zich in de school bevindt.

Artikel 7
Vakantieregeling

De vakantieregeling wordt in het begin van het schooljaar schriftelijk bekend gemaakt in de informatiebrochure. De leerlingen moeten er rekening mee houden dat een vakantieperiode doorgaans begint op een maandag. De zaterdag voorafgaand aan een vakantie wordt er nog les gegeven, tenzij anders vermeld in de vakantieregeling.
De vakantieregeling kan afwijken van die in het dagonderwijs.

Artikel 8
Toegankelijkheid van de lessen

De lessen zijn niet toegankelijk voor ouders of derden, tenzij anders vermeld en via uitnodiging.

 

Hoofdstuk 3

Toelatingsvoorwaarden

Artikel 9
Algemene toelatingsvoorwaarden

§1

Iedere leerling moet beantwoorden aan de minimum leeftijdsvoorwaarden voor de betreffende studierichting:

  • In de studierichting beeldende kunst moeten de leerlingen minimum 6 jaar zijn op 31 december van het lopende schooljaar, of ingeschreven zijn in het 1ste leerjaar van het basisonderwijs.

§2

In principe start een leerling in het eerste leerjaar van de gekozen optie. In de lagere en middelbare graad Beeldende kunst stromen de leerlingen volgens leeftijd in.


§3

Om naar het volgende leerjaar te kunnen gaan, moet de leerling geslaagd zijn voor de proeven van het voorafgaande leerjaar.

 

Artikel 10
Toelatingsperiode

§1

Wanneer een leerling in een ander leerjaar of een andere optie wil instromen dan hij op basis van de gewone toelatingsvoorwaarden mag, kan de directeur in samenspraak met de betrokken vakleerkrachten een toelatingsperiode opleggen. Deze toelatingsperiode start bij het begin van het schooljaar en eindigt uiterlijk op 15 januari van het lopende schooljaar. De leerling volgt de vakken van het leerjaar waarin hij wil terecht komen. Na die toelatingsperiode maken de directeur en de betrokken leerkrachten een attest op dat motiveert of de leerling het leerjaar verder kan blijven volgen of wordt doorverwezen naar een ander leerjaar.

§2

Leerlingen kunnen enkel tot deze toelatingsperiode worden toegelaten indien ze voldoen aan volgende voorwaarden:

  • in de studierichting Beeldende kunst: de leeftijd van 18 jaar bereikt hebben.

Artikel 11
Specifieke toelatingsvoorwaarden

Een leerling kan, op voorwaarde dat hij aan de toelatingsvoorwaarden voldoet:

  • tezelfdertijd diverse studierichtingen volgen;
  • tezelfdertijd binnen een studierichting diverse opties volgen met dien verstande dat één zelfde vak slechts één maal moet worden gevolgd. Het volgen van een tweede optie in de Kunstacademie aan Zee is slechts mogelijk onder bepaalde voorwaarden (zie artikel 16).
  • veranderen van optie en/of leerjaar tot 15 januari van datzelfde schooljaar.

Artikel 12
Vrije leerling

Een vrije leerling is een leerling die niet voldoet aan één van volgende voorwaarden:

  • beantwoorden aan de toelatingsvoorwaarden;
  • ingeschreven zijn voor het geheel van de vakken van een bepaald leerjaar behoudens eventuele vrijstelling;
  • daadwerkelijk en regelmatig de vakken volgen met als doel op het einde van het schooljaar deel te nemen aan de proeven;
  • het eventueel vereiste inschrijvingsgeld hebben betaald.

Vrije leerlingen komen in eerste instantie op een wachtlijst terecht. Enkel als er voldoende plaats is, kunnen ze daadwerkelijk worden ingeschreven. Dit gebeurt slechts na akkoord van de directeur.
Vrije leerlingen kunnen deelnemen aan de proeven maar kunnen geen attesten of getuigschriften behalen.

 

Hoofdstuk 4

Procedure voor inschrijving

Artikel 13
Inschrijvingsperiode

De leerling moet ingeschreven zijn vóór 1 oktober van het betreffende schooljaar en wordt slechts als ingeschreven beschouwd als hij/zij voldoet aan alle wettelijke inschrijvingsvoorwaarden en daarenboven het inschrijvingsgeld heeft betaald.

Artikel 14
Criteria voor inschrijving

De inschrijving van leerlingen kan voor bepaalde opties en/of vakken beperkt worden tot een maximum aantal en dit om volgende redenen:

  • pedagogische redenen;
  • organisatorische redenen;
  • veiligheidsnormen in relatie tot de infrastructuur;
  • wanneer de draagkracht van de school overschreden wordt.

De directeur motiveert elke weigering van een inschrijving.
De betreffende leerling wordt als kandidaat-leerling ingeschreven in een wachtregister op chronologische volgorde volgens de datum waarop hij/zij zich voor inschrijving heeft aangeboden.

Artikel 15
Dubbele inschrijving melden

Een leerling die al ingeschreven is in dezelfde studierichting in een andere school moet dit steeds expliciet melden bij inschrijving.
Indien de leerling reeds een attest of getuigschrift heeft behaald in dezelfde studierichting in een andere school, dan moet dit steeds expliciet worden gemeld bij inschrijving.

Artikel 16
Inschrijven voor een tweede optie

Leerlingen kunnen zich voor een tweede optie slechts inschrijven na akkoord van de directeur. Zij worden in eerste instantie op een wachtlijst ingeschreven. Enkel als er voldoende plaats is, kunnen ze daadwerkelijk worden ingeschreven.
Het volgen van een tweede optie in de Kunstacademie aan Zee is pas mogelijk na onderzoek van de aanvraag die bij de aanvang van het schooljaar werd gesteld. De directeur beslist over toelating tot de tweede optie in samenspraak met de vakleerkracht. De beslissing is afhankelijk van het aantal beschikbare plaatsen in de gevraagde bijkomende optie. Over deze toelating wordt beslist na 1 oktober wanneer de inschrijvingen zijn beëindigd en het aantal leerlingen in de opties is gekend. In geval de leerling wordt toegestaan een tweede optie te volgen, moet dit steeds gebeuren in een combinatie van een dag- en een avondcyclus. In de specialisatiegraad kan niet als tweede optie worden ingeschreven.

Artikel 17
Verloop van de inschrijving

De inschrijving gebeurt digitaal waarbij de persoonsgegevens worden ingevoerd in een softwarebestand (WISA-leerlingendatabank). De school kan voorinschrijvingen organiseren in de maanden juni, juli en augustus voorafgaand aan het daaropvolgende schooljaar. Elke inschrijving is slechts rechtsgeldig na onderzoek van de toelatingsvoorwaarden en na betaling binnen de inschrijvingsperiode (zie artikel 22) alsmede na het schriftelijk akkoord van de leerling of de ouders van de minderjarige leerling met het Schoolreglement en het artistiek pedagogisch project.

 

Hoofdstuk 5

Inschrijvingsgeld, bijdrageregeling en betalingen aan de school

Artikel 18
Inschrijvingsgeld

Een leerling betaalt het inschrijvingsgeld vastgelegd volgens de ministeriële bepalingen en een extra bijdrage vastgelegd door het Schoolbestuur bij Gemeenteraadsbesluit.
Inschrijvingsgelden worden betaald per studierichting.
Een leerling kan één of meer vakken van dezelfde studierichting in een andere instelling volgen. De leerling betaalt geen inschrijvingsgeld indien hij kan bewijzen dat hij in de andere instelling reeds betaald heeft. Een dergelijke leerling is volgens de regelgeving een vrije leerling en heeft dus geen garantie op inschrijving (zie artikel 12).

Het inschrijvingsgeld mag worden beschouwd als een uitgave voor kinderopvang en is dus fiscaal als dusdanig aftrekbaar. Het kan worden afgeleverd voor kinderen die tijdens het jaar van de inschrijving nog geen 12 jaar zijn.

Artikel 19 Verminderd inschrijvingsgeld

§1

Volgende personen komen in aanmerking voor een verminderd inschrijvingsgeld als ze het daartoe vereiste document voorleggen (voor personen die zij ten laste hebben, moet ook een document "samenstelling van het gezin" worden voorgelegd, afgeleverd door de dienst Burgerzaken van het Stadsbestuur):

Werklozen: een attest afgeleverd door VDAB/RVA/FOREM/ONEM dat aantoont dat hij/zij uitkeringsgerechtigd volledig werkloos is of ermee gelijkgesteld;
Personen die het leefloon ontvangen: een officieel attest van het OCMW/CPAS of een attest ‘inkomensgarantie voor ouderen’;
Personen met een handicap: attest van de mutualiteit waaruit een arbeidsongeschiktheid van ten minste 66% blijkt of een vermindering van zelfredzaamheid met zes punten en met vermelding van een RIZIV-nummer en de geldigheidsperiode;
Studenten ouder dan 18 jaar op 31 december van het lopende schooljaar: een attest van het kinderbijslagfonds;
Jongeren uit de bijzondere jeugdzorg: het bewijs dat hij/zij in een gezinsvervangend tehuis of in een medisch-pedagogische instelling verblijft;
Erkende politieke vluchtelingen: officieel attest dat aantoont dat hij/zij het statuut van erkend politiek vluchteling heeft.
Voor personen die zij ten laste hebben, moet ook een document ‘samenstelling van het gezin’ worden voorgelegd, afgeleverd door de dienst Burgerzaken van het Stadsbestuur.

§2 Een leerling die de leeftijd van 18 jaar niet bereikt heeft op 31 december van het schooljaar in kwestie, betaalt het verminderde inschrijvingsgeld:
indien een ander lid van het gezin waartoe hij behoort het inschrijvingsgeld reeds heeft betaald in dezelfde of in een andere school voor deeltijds kunstonderwijs;

voor iedere extra inschrijving in een andere studierichting in dezelfde of in een andere school voor deeltijds kunstonderwijs.



Artikel 20 Kunstkans

Kunstkans is een actie van het Stadsbestuur Oostende gesubsidieerd door het Stedenfonds ter bestrijding van kansarmoede. Voor een inwoner van Oostende voor wie een inschrijving in de Kunstacademie aan Zee en/of het Conservatorium aan Zee echt onbetaalbaar is, wordt een extra reductie op het inschrijvingsgeld toegestaan en wordt tussengekomen in de financiële kosten van basislesmateriaal. De voorwaarden om deze reductie te genieten, zijn vastgelegd in een apart reglement.

Artikel 21
Extra bijdrage en bijdrageregeling voor leerlingen

De hogere overheid staat toe dat het Schoolbestuur een extra bijdrage oplegt aan alle leerlingen. De gemeenteraad van de stad Oostende legt dit bedrag vast en verbindt er zich toe deze bijdrage zeer democratisch te houden. Het juiste bedrag is terug te vinden in de tabel ‘Bijdrageregeling voor de leerlingen’ (zie bijlage 1 bij dit Schoolreglement).

Artikel 22
Betaling van het inschrijvingsgeld en de extra bijdrage

Het inschrijvingsgeld en de extra bijdrage worden in een getotaliseerd bedrag betaald bij de inschrijving. De betaling gebeurt via bancontact. Een kopie van het inschrijvingsdocument uit de WISA-leerlingendatabank geldt als betalingsbewijs. Een leerling is maar ingeschreven wanneer het inschrijvingsgeld werd betaald. Wanneer het inschrijvingsgeld niet werd betaald uiterlijk voor 1 oktober is de leerling niet ingeschreven en wordt hem/haar de verdere toegang tot de lessen onmiddellijk ontzegd.

Artikel 23
Teruggave van inschrijvingsgeld

Slechts in uitzonderlijke gevallen en uiterlijk tot 30 september is een teruggave van inschrijvingsgeld mogelijk, de betrokkene richt zich hiervoor tot de directeur die onderzoekt of teruggave mogelijk is. Indien geen teruggave mogelijk is, motiveert hij dit in een brief aan de leerling of de ouders. Indien teruggave mogelijk is, motiveert de directeur dit in een brief aan het Schoolbestuur. De teruggave gebeurt na akkoord door de Stadsontvanger en via storting op rekening. Deze procedure neemt enige tijd in beslag. Teruggave in cashgeld, gedeeltelijke teruggave en teruggave na 30 september zijn onder geen enkele voorwaarde mogelijk.

 

Hoofdstuk 6

Te volgen vakken, vrijstellingen en activiteiten van de school

Artikel 24
Algemene regel

Behoudens vrijstelling volgt elke leerling alle vakken van een gekozen optie.

Artikel 25
Vrijstellingen

§1 Een leerling kan een vrijstelling krijgen voor de vakken die hij/zij reeds met vrucht heeft gevolgd op een gelijkwaardig of hoger niveau van het voltijds secundair onderwijs, van het deeltijds kunstonderwijs of van het kunstonderwijs met beperkt leerplan.

§2 De directeur kan - in samenspraak met de betrokken leerkrachten - vrijstelling verlenen voor een vak om pedagogische redenen. Die vrijstelling wordt gestaafd met een attest. In geval van twijfel wordt het advies van de inspectie gevraagd, en kan de leerling een toelatingsperiode worden opgelegd.

§3 Vrijstellingen op basis van een buitenlands diploma moeten altijd worden aangevraagd (niet-Nederlandse diploma’s moeten worden vertaald) bij de gemeenschapsinspectie van onderwijs.

§4 Een verkregen vrijstelling geldt voor de volledige duur van de opleiding indien ze werd verleend op basis van reeds gevolgde gelijkwaardige of hogere studies. In andere gevallen kan de vrijstelling voor één schooljaar gelden.

§5 Leerlingen die overzitten worden vrijgesteld voor het vak/de vakken waarvoor zij reeds slaagden indien zij van het betrokken leerjaar de proeven van alle vakken hebben afgelegd. Uiteraard geldt deze vrijstelling niet voor de kunstvakken in de studierichting Beeldende kunst.

 

Hoofdstuk 7

Richtlijnen i.v.m. aanwezigheid, afwezigheden en te laat komen


Artikel 26

Algemene regel i.v.m. aanwezigheid

De leerling neemt deel aan alle lessen en activiteiten van het leerjaar waarin hij/zij is ingeschreven, behoudens in geval van gewettigde afwezigheid. Het begin- en einduur van de lessen wordt gerespecteerd.

Minderjarige leerlingen mogen de school niet verlaten tijdens de lesonderbrekingen.

Slechts in uitzonderlijke gevallen kan een leerling de school voor het einduur verlaten en dit enkel na toestemming van de directeur, de leraar of de verantwoordelijke van het schoolsecretariaat. Voor minderjarige leerlingen is hiervoor daarenboven de toestemming van de ouders vereist.

Volwassen leerlingen kunnen uitzonderlijk in overleg met, met akkoord van en in aanwezigheid van de leerkracht in het atelier werken buiten het uurrooster. Het normale lesgebeuren mag daarbij niet worden verstoord en krijgt steeds voorrang.

Artikel 27
Algemene regel bij afwezigheid

Als een les of activiteit niet kan worden bijgewoond, moet de school (de directeur, het secretariaat of de leraar) hiervan vooraf en zo snel mogelijk op de hoogte worden gebracht.

Artikel 28
Gewettigde afwezigheid

§1 Iedere afwezigheid moet gewettigd of gerechtvaardigd zijn.

§2 De afwezigheid kan op volgende manieren worden gerechtvaardigd:
door een doktersattest;
door een document dat aantoont dat de leerling afwezig was om:
  • een begrafenis- of huwelijksplechtigheid bij te wonen van een bloed- of aanverwant tot de vierde graad of van een persoon die onder hetzelfde dak woont;
  • een familieraad bij te wonen;
  • voor de rechtbank te verschijnen na een oproeping of dagvaarding;
  • een andere officiële aangelegenheid bij te wonen - mits akkoord van de directeur.
door een ondertekende verklaring van de leerling (ingeval een minderjarige leerling: van één van de ouders) met de reden van het niet bijwonen van de les. Deze verklaring wordt ingediend bij de directeur en is hoogstens twee keer per jaar mogelijk. Om uitzonderlijke, familiale redenen kan de directeur beslissen om van dit maximum af te wijken.

Artikel 29
Ongewettigde afwezigheid

§1 Elke afwezigheid die niet gewettigd is zoals beschreven in artikel 29 wordt beschouwd als een ongewettigde afwezigheid.
§2 Bij ongewettigde afwezigheid van een minderjarige leerling neemt de school contact op met de ouders.
§3 Een leerling die op 1 februari meer dan een derde van de lessen ongewettigd afwezig was, kan het recht verliezen om aan de proeven deel te nemen. De leerling is dan niet geslaagd. Het verlies van dit recht wordt uitgesproken door de directeur na de leerling/ouders gehoord te hebben.
§4 Ongewettigde afwezigheden kunnen bovendien aanleiding geven tot één van de sancties vermeld in Hoofdstuk 12.

 

Hoofdstuk 8

Schorsing van de lessen wegens bepaalde omstandigheden


Artikel 30

Afwezigheid van de leraar

Als een les niet kan plaatsvinden omwille van de afwezigheid van de leraar, dan worden in volgorde de volgende maatregelen genomen:

  • de ouders of meerderjarige leerlingen worden onverwijld en zo mogelijk voorafgaandelijk verwittigd via sms-bericht, telefonisch of e-mail;
  • de afwezigheid wordt gemeld op het berichtenbord of scherm aan de ingang van de school en daarom gaan de ouders die hun kinderen naar school brengen best eerst na of de leraar al dan niet aanwezig is alvorens hun kinderen achter te laten;
  • er wordt opvang voorzien indien geen van de voorgaande maatregelen mogelijk is - minderjarige leerlingen mogen enkel naar huis ingeval van afwezigheid van de leraar als de ouders hiervoor schriftelijk toestemming hebben geven.

Artikel 31
Overmacht

De lessen kunnen voor alle leerlingen of voor een leerlingengroep worden geschorst wegens overmacht. Hieronder verstaat men een onvoorziene, plotselinge gebeurtenis die het onmogelijk maakt om de lessen te laten plaatsvinden. De directeur of de aangestelde brengt de ouders hiervan, voor zover mogelijk, op de hoogte.

Artikel 32
Pedagogische studiedag

De lessen kunnen voor alle leerlingen of voor een leerlingengroep één dag per schooljaar worden geschorst voor het houden van een pedagogische studiedag voor de leraars. Deze studiedag wordt schriftelijk bekendgemaakt in de informatiebrochure aan het begin van het schooljaar.

Artikel 33
Staking

In geval van staking probeert de school te zorgen voor het nodige toezicht op de minderjarige leerlingen. Indien het niet mogelijk is om voldoende toezicht te organiseren worden de lessen geschorst. In voorkomend geval brengt de directeur de ouders vooraf schriftelijk op de hoogte van de maatregelen die zullen worden genomen.

Artikel 34
Verkiezingen - Volksraadpleging

De lessen kunnen de dag voor, van en na de parlementaire, provinciale of gemeentelijke verkiezingen of een volksraadpleging worden geschorst wanneer de lokalen naar aanleiding van deze activiteit zijn gebruikt. De directeur brengt de ouders hiervan vooraf schriftelijk op de hoogte.

 

Hoofdstuk 9

Lesverplaatsingen


Artikel 35

Lesverplaatsing en inhaalles

Alle leerlingen hebben recht op alle lessen van hun studierichting en optie.

Een lesverplaatsing is elke les die verplaatst wordt binnen het door de school vastgelegde uurrooster. Enkel de directeur kan lesverplaatsingen toestaan volgens een reglement dat door de Gemeenteraad werd goedgekeurd.
De leerlingen en/of ouders worden vooraf schriftelijk van elke lesverplaatsing op de hoogte gebracht.

De leraar legt in samenspraak met de leerlingen datum en uur van de inhaalles vast en legt dit ter goedkeuring voor aan de directeur. De lessen kunnen niet worden verplaatst naar een vakantiedag of wettelijke feestdag. Een verplaatste les heeft de gebruikelijke duurtijd.

Bij een lesverplaatsing van een groepsgericht individueel vak wordt bij voorkeur de samenstelling van de groep gerespecteerd.

 

Hoofdstuk 10

Agenda, documenten en materialen

Artikel 36
Agenda

Iedere leerling heeft een agenda of een logboek. Hierin worden de opdrachten en/of de te kennen leerstof en/of de in te studeren stukken van de leerlingen genoteerd, evenals eventuele aanwijzingen voor de studie en mededelingen voor de ouders. De ouders van de minderjarige leerling ondertekenen telkens de agenda voor kennisneming.

Artikel 37
Materialen

§1 Voor de lagere en middelbare graad voorziet de school jaarlijks een variatie van gebruik- en verbruiksmateriaal. Daarnaast wordt de leerlingen gevraagd verbruiksmaterialen zelf aan te schaffen (zie hiervoor hoofdstuk 13).

§2 Voor de leerlingen van de lagere graad wordt gebruik gemaakt van een aanvullende materiaallijst. Deze lijst wordt overhandigd bij inschrijving alsook de prioriteiten van aanschaf. Het aanschaffen van deze materialen is een noodzaak voor het volgen van de lessen. Ook wordt gevraagd het basispakket voorgesteld op de materiaallijst steeds bij zich te hebben.

§3 De leerlingen van de middelbare graad en de volwassenen krijgen bij aanvang van het schooljaar een materiaallijst van de leerkracht. Op de lijst staan alle te gebruiken materialen en aanwijzingen omtrent materieel en kledij opgesomd. Deze lijst varieert per optie en per graad, en de leerkracht licht dit uitvoerig toe.

§4 Gebruik van persoonlijk materiaal, toestellen, computers of machines wordt enkel in samenspraak met de leerkracht en in kader van een lesopdracht toegestaan (zie hiervoor ook hoofdstuk 19). De leerling respecteert hierbij de richtlijnen omtrent veiligheid en preventie en de algemene regelgeving. De school kan nooit aansprakelijk gesteld worden in geval van schade en of diefstal. Anderzijds kan de leerling wel aansprakelijk gesteld worden bij schade aangericht door dit gebruik.

§5 De individuele afsluitbare bergkastjes die ter beschikking gesteld worden door de school mogen geen producten bevatten die thuis horen in de veiligheidskasten waaronder ontvlambare, gevaarlijke en schadelijke producten. De kastjes moeten telkens aan het einde van het schooljaar volledig leeggemaakt en open achter gelaten worden

§6 Materiaal van leerlingen, dat op de school achterblijft en niet wordt opgehaald, wordt één jaar na oproep tot afhaling eigendom van de school.

 

Hoofdstuk 11

Evaluatie en examen

Artikel 38
Evaluatie

Tijdens het schooljaar wordt minstens tweemaal geëvalueerd aan de hand van een evaluatiefiche. Dit gebeurt voor alle vakken behalve voor het vak “kunstgeschiedenis” en “bijzondere kunstgeschiedenis”. De leerling en/of de ouders worden in kennis gesteld van deze evaluatie en ondertekenen voor kennisneming.

Artikel 39
Examens

§1 De leerlingen zijn verplicht deel te nemen aan de proeven georganiseerd aan het einde van het leerjaar waarvoor zij zijn ingeschreven.

§2 Wie meer dan een derde van de lessen niet heeft bijgewoond zonder gewettigde afwezigheid, wordt niet toegelaten tot de proeven en is derhalve niet geslaagd.

§3 De examens worden georganiseerd overeenkomstig de wettelijke en reglementaire bepalingen.

§4 Voor de studierichting Beeldende kunst gelden volgende regels:
De overgangs- of eindproeven worden georganiseerd tussen 1 juni en 30 juni:
  • aan het einde van de lagere graad;
  • aan het einde van het vijfde en zesde jaar van de middelbare graad (laatste jaar van de middelbare graad: eindproeven);
  • aan het einde van ieder leerjaar van de hogere graad en de specialisatiegraad (laatste jaar van elke graad: eindproeven).
Voor het vak ’kunstgeschiedenis’ en ‘bijzondere kunstgeschiedenis’ wordt een schriftelijke proef georganiseerd. Een onderdeel van dit examen kan eventueel mondeling worden afgenomen mits aanwezigheid van de directeur of een door hem/haar aangestelde getuige.
Voor de vakken van de lagere en de middelbare graad en voor de vakken ‘specifiek artistiek atelier’ en ‘tekenen’ van de hogere graad en de specialisatiegraad bestaat de proef uit een beoordeling van het atelierwerk.
Voor de eindproef van de hogere graad en van de specialisatiegraad wordt het vak ‘specifiek artistiek atelier’ voor de ene helft van de punten beoordeeld door de externe deskundigen (zie § 7) en voor de andere helft van de punten door de vakleraar(s). Pas na dat de individuele punten zijn samengevoegd beraadslaagt de examencommissie. De directeur ziet toe op het correct verloop van de proeven maar geeft derhalve geen punten.
Voor het vak ‘kunstgeschiedenis’ kunnen tijdens de periode van 15 augustus tot 15 september herkansingsproeven georganiseerd worden voor de leerlingen die niet geslaagd waren in de eerste zittijd. De leerlingen die in deze proeven slagen en geslaagd waren voor de andere vakken, beëindigen hun leerjaar met vrucht.

§6 De leerling die bij de beoordeling voor elk vak ten minste 60% van de punten heeft behaald, beëindigt zijn leerjaar met vrucht.

§7 De leden van de examencommissie worden op voorstel van de directeur door het College van Burgemeester en Schepenen aangesteld. De directeur is ambtshalve voorzitter van alle examencommissies binnen de school. Hij kan zich laten vervangen door een afgevaardigde. Niemand mag als lid van de examencommissie zitting hebben voor de proef van een bloed- of aanverwant tot en met de vierde graad. Tenminste één deskundige van buiten de school maakt deel uit van deze examencommissie.

§8 Elke leerling krijgt op het einde van het schooljaar een attest of een getuigschrift op basis van de behaalde resultaten.

§9 Een leerling die om gewettigde redenen (ziekte, ongeval) niet aan een proef kan deelnemen, verwittigt onmiddellijk het secretariaat. Er moet steeds binnen de twee kalenderdagen een attest worden ingediend (vb. doktersattest). Slechts als de leerling tijdig een attest inlevert, heeft hij/zij recht op een uitgesteld examen.

§10 Wie niet aan een onderdeel van een proef deelneemt en hiervoor geen gewettigde reden heeft (zie artikel 26), is onwettig afwezig en heeft voor dit onderdeel een onvoldoende.

§11 Tussen 15 augustus en 15 september worden uitgestelde proeven afgenomen van de leerlingen die om een gewettigde reden niet hebben kunnen deelnemen aan de proeven op het einde van het schooljaar.

§12 Leerlingen mogen binnen een graad voor eenzelfde optie geen tweemaal overzitten.


Hoofdstuk 12

Gedragsregels en orde- en tuchtreglement voor de leerlingen

Artikel 40
Algemene gedragsregels

§1 Iedere leerling volgt strikt de richtlijnen op en neemt een correcte en beleefde houding aan tegenover het personeel van de school en tegenover de andere leerlingen. Daarbij staan de waarden wederzijds respect, samenwerking en openheid voorop en is er geen plaats voor pesten, aanzet tot pesten of opzettelijk storen van de lessen. De leerlingen staan onder het gezag van de leerkracht. Iedere leerling leeft correct de veiligheidsvoorschriften na bij het gebruik van materialen, toestellen en lokalen.

§2 Tijdens de lessen wordt niet gegeten of gedronken.

§3

Tijdens de lessen wordt er geen GSM, MP3-speler, walkman of andere persoonlijke IT-toestellen gebruikt.


§4 De leerlingen laten het leslokaal bij het einde van de les in voldoende ordelijke staat achter. Tussen de lessen wordt zo snel mogelijk en ordentelijk van lokaal gewisseld.

§5 De leerling is aansprakelijk voor de schade die hij/zij opzettelijk toebrengt aan de infrastructuur, het meubilair, de apparatuur, de instrumenten en/of ander materiaal van de school. Dit betekent dat de herstelling of vervanging in voorkomend geval zal moeten worden vergoed en dit onverminderd de tuchtsanctie die aan de leerling in dit verband kan worden opgelegd.

Artikel 41

Ordemaatregelen

Tegen een leerling die de bepalingen van dit Schoolreglement overtreedt of het ordelijk verstrekken van onderwijs verstoort, kunnen volgende ordemaatregelen worden genomen door elk personeelslid onder het gezag van de directeur:

een mondelinge vermaning;
een schriftelijke vermaning via een door de ouders te ondertekenen nota;
een extra taak met melding aan de ouders via een te ondertekenen nota;
verwijdering uit de les als het gedrag van de leerling te storend is met melding aan de ouders via een te ondertekenen nota;
een gesprek tussen de directeur en de leerling met melding aan de ouders via een te ondertekenen nota;
de directeur neemt contact op met de ouders en bespreekt het gedrag van de leerling, al dan niet samen met de leraar. Van dit gesprek met de ouders wordt een verslag gemaakt dat door de ouders wordt ondertekend voor kennisneming.

Tegen geen enkele ordemaatregel is er beroep mogelijk.

Artikel 42
Tuchtmaatregelen

§1

De directeur kan uitzonderlijk een tuchtmaatregel nemen indien de leerling:

het ordelijk verstrekken van onderwijs werkelijk in gevaar brengt en de maatregelen van orde geen effect hebben of indien het zeer ernstige overtredingen betreft die daarenboven het verwezenlijken van het artistiek pedagogisch project van de school in het gedrang brengen;
de veiligheid of de hygiëne in het gedrang brengt;
ernstige of wettelijk strafbare feiten pleegt;
de naam van de instelling of de waardigheid van het personeel aantast;
materiële schade toebrengt aan de infrastructuur, het meubilair of de toestellen.

§2 De directeur kan overgaan tot een tuchtmaatregel indien leerlingen/ouders zich onthouden van de verplichte meldingen zoals beschreven in artikel 16.

§3

Volgende sancties kunnen worden toegepast tegenover een leerling die gedrag stelt zoals vermeldt in §1:

een tijdelijke schorsing door de directeur al dan niet op voorstel van een personeelslid waarbij de leerling gedurende een bepaalde periode de lessen niet meer mag volgen;
een definitieve uitsluiting uit de school door de directeur.

§4 De leerling of de ouders van de minderjarige leerling worden voorafgaandelijk aan de uitspraak van een sanctie gehoord. Hiervan wordt een verslag gemaakt dat voor kennisneming wordt ondertekend door de leerling of door de ouders van de minderjarige leerling.

§5 Elke sanctie wordt via een aangetekende brief aan de betrokken leerling en/of de ouders van de minderjarige leerling meegedeeld met vermelding van de reden. De definitieve uitsluiting uit de school wordt door de directeur ter kennis gebracht aan het College van Burgemeester en Schepenen. De sanctie gaat in op de eerste schooldag na de betekening via aangetekende brief.

§6 De leerling en/of de ouders van de minderjarige leerling kunnen tegen een tuchtmaatregel aangetekend beroep instellen bij het College van Burgemeester en Schepenen binnen de vijf werkdagen na ontvangst van de aangetekende beslissing.
Dit beroep schorst de sanctie niet op. Binnen de tien werkdagen na het instellen van het beroep wordt de beslissing van het College van Burgemeester en Schepenen via een aangetekende zending aan de leerling of aan de ouders van de minderjarige leerling meegedeeld. Dit schrijven vermeldt dat de beslissing voor de Raad van State kan worden aangevochten.

§7 Tijdens de tuchtprocedure kunnen leerlingen of ouders van minderjarige leerlingen zich laten bijstaan door een raadsman. Dit kan geen personeelslid van het Stadsbestuur zijn, geen personeelslid van de school noch een lid van de Gemeenteraad.

 

Hoofdstuk 13

Uitlenen en/of aankopen van boeken, huren van instrumenten en aankopen op school

Artikel 43
Algemene regel

§1

Voor het uitlenen en/of aankopen van boeken, het huren van instrumenten, de aankoop van verbruiksmaterialen en kopieën en voor pedagogische uitstappen zijn de voorwaarden en prijzen vastgelegd bij Gemeenteraadsbesluit. Deze bijdrageregeling voor leerlingen is terug te vinden in de jaarlijkse Informatiebrochure voor leerlingen. Voor het uitlenen van boeken of partituren uit de bibliotheek of mediatheek van de school en voor het uitlenen van divers ander materiaal van de school is een apart reglement voor uitlening uitgewerkt dat te raadplegen is op school.


§2 De leerling is verantwoordelijk voor het gebruikte instrument/werk of boek/apparaat/materiaal en staat in voor de herstellings- of vervangingskosten bij schade. Alle herstellingen of vervangingen gebeuren via de school.

§3

De leerling volgt strikt de richtlijnen van de leraar en de handleiding bij het gebruik en het onderhoud van het instrument of het apparaat.

Artikel 44
Betalingen op school

§1 Het Schoolbestuur factureert alle kosten van aankopen aan leerling of aan de ouders van de minderjarige leerling.
Op de factuur, die met de leerling wordt meegegeven, staan alle uitgaven gedetailleerd opgesomd. De leerling en de ouder moeten er op toezien dat deze factuur niet verloren gaat.

§2 Betaaltermijn
De betalingstermijn is 30 kalenderdagen.

§3 Aanmaningen
Indien de eerste factuur 30 kalenderdagen na de factuurdatum niet is betaald, wordt een eerste aanmaning naar de leerling of de ouders van de minderjarige leerling opgestuurd of hen persoonlijk overhandigd door de directeur of de administratieve medewerker van de school.
Indien deze eerste aanmaning niet werd betaald binnen de 30 kalenderdagen verstuurt het Stadsbestuur via aangetekende brief een tweede aanmaning. Het saldo van de factuur wordt verhoogd met 12,50 euro administratiekosten (Gemeenteraadsbesluit van 23 oktober 2009).
Vermits de termijn van 30 kalenderdagen dan reeds verstreken is, moet er onmiddellijk worden betaald. Wordt aan deze tweede aanmaning geen gevolg gegeven dan wordt een dwangbevel betekend voor inning via een gerechtsdeurwaarder, waarbij de kosten ten laste zijn van de ouders.

§4 Stopzetten van diensten
Vanaf 90 kalenderdagen achterstand van betaling van een factuur zullen alle verdere aankopen geweigerd worden.

§5 Vragen en problemen over een factuur
In geval van vragen of problemen over een factuur richten de leerlingen of de ouders van de minderjarige leerlingen zich in eerste instantie en binnen een week na ontvangst van de factuur tot de administratieve medewerker van de school of tot de directeur. Deze volgen de betalingen op. Na de tweede aanmaning richten de ouders zich tot de schooldirectie voor vragen omtrent de inhoud van de factuur. Voor eventuele vragen over de verwerking van de betaling in de stadsboekhouding kan beroep gedaan worden op de dienst Boekhouding van de stad Oostende (T 059/80.55.00).

§10 Afwijking, gespreide betaling en gebruik van onderwijscheques
Het Schoolbestuur kan, na advies van de directeur en in samenspraak met de leerling of ouders van de minderjarige leerling een afwijking op de leerlingenbijdragen toestaan. Het toestaan van de betalingsspreiding is de bevoegdheid van de Stadsontvanger.

 

Hoofdstuk 14

Inwendige orde, gezondheid en veiligheid op school

Artikel 45
Welzijn en veiligheid

Het Schoolbestuur leeft de wetgeving betreffende Welzijn en Veiligheid na en laat zich hierin bijstaan door bevoegde diensten en/of personen zoals een preventieadviseur. Inzake brandveiligheid zal de leerling bij het begin van elk schooljaar door de leerkracht in kennis worden gesteld van de richtlijnen bij brand, het noodplan en de evacuatie. De leerling moet in geval van brand steeds correct deze richtlijnen en de orders van de leerkracht of een andere bevoegde persoon volgen.

Leerlingen die zich niet aan de veiligheidsvoorschriften houden bij gebruik van materialen, toestellen en lokalen kunnen de toegang tot het atelier onmiddellijk worden ontzegd en als gevolg daarvan bij tuchtmaatregel definitief het verder volgen van de lessen worden ontzegd.

Artikel 46
Algemeen rookverbod

Het is verboden te roken binnen de volledige instelling, met inbegrip van zowel de gebouwen als de speelplaatsen, sportterreinen en andere open ruimten.
Bij overtreding van deze bepaling zal de leerling worden gesanctioneerd volgens het orde- en tuchtreglement opgenomen in dit Schoolreglement.
Bij overtreding van deze bepaling zullen de ouders en/of bezoekers worden verzocht te stoppen met roken of het schooldomein te verlaten.

Artikel 47
Besmettelijke ziekte

In het geval dat een leerling of iemand uit de leefeenheid van de leerling wordt getroffen door een besmettelijke aandoening, bespreekt de leerling of de ouder van de minderjarige leerling dit met de behandelende arts. Indien de aanwezigheid van de leerling in de school een gevaar kan zijn of geweest zijn voor de gezondheid van andere leerlingen en/of personeelsleden meldt de leerling of de ouder van de minderjarige leerling dit onmiddellijk aan het schoolsecretariaat. De directeur neemt dan de gepaste maatregelen.

Artikel 48
Binnenbrengen en gebruiken van roesopwekkende middelen als drugs en alcohol op school

Het binnenbrengen en/of het gebruiken van roesopwekkende middelen zoals alcohol, drugs, ... in de school zijn verboden.
Leerlingen die zich in een kennelijke staat van roes of dronkenschap op school aanbieden, worden in de les geweigerd.

Artikel 49
Binnenbrengen van een wapen of als zodanig te gebruiken voorwerp op school

Het in de school binnenbrengen van een wapen of eender welk voorwerp dat als wapen kan worden gebruikt, is verboden en heeft bij vaststelling de onmiddellijke definitieve uitsluiting tot gevolg.

Artikel 50
Naleven van veiligheidsvoorschriften

Iedere leerling leeft de veiligheidsvoorschriften na en volgt de instructies van de leraar of de directeur wat betreft:

  • het dragen van aangepaste kledij;
  • het dragen van beschermkledij;
  • het gebruik en het opslaan van beschermingsmiddelen;
  • het verbod om bijvoorbeeld hoofddeksels, sieraden, losse kledij, sjaaltjes, … te dragen;
  • het vaststeken van lang haar waar nodig;
  • het gebruik en het opslaan van materialen en producten;
  • het werken met toestellen en instrumenten.

Artikel 51
Persoonlijke bezittingen

De leerlingen laten hun persoonlijke bezittingen (boekentassen, rugzakken, instrumenten, …) niet onbeheerd achter. De school is niet verantwoordelijk voor diefstallen of eventuele beschadigingen.

Artikel 52
Grensoverschrijdend gedrag

Het Schoolbestuur heeft zowel een preventieadviseur psycho-sociale belasting als een vertrouwenspersoon aangesteld die bevoegd zijn voor het ontvangen en opvolgen van klachten over grensoverschrijdend gedrag tussen leerlingen en personeelsleden binnen de school. Hun namen en functies worden bekendgemaakt in de Informatiebrochure bij de aanvang van het schooljaar.

Hoofdstuk 15

Ongevallen en verzekeringen

Artikel 53
Verzekering

Het Schoolbestuur beschikt over de nodige verzekeringen voor burgerlijke aansprakelijkheid en lichamelijke ongevallen bij leerlingen en personeel.

Artikel 54
Aangifte van een ongeval

De leerlingen zijn verzekerd voor ongevallen tijdens de lessen en op het traject van de woonplaats naar de school en terug. Heeft de leerling een ongeval op school of op dit traject, dan moet de school daarvan onmiddellijk worden verwittigd.

Hoofdstuk 16

Auteursrechten

Artikel 55

§1 De leerlingen en de school respecteren de geldende wettelijke bepalingen inzake auteursrechten.

§2 Korte fragmenten uit partituren mogen voor didactische doeleinden worden gekopieerd.

§3 Voor het kopiëren van volledige partituren is in principe de toestemming vereist van de auteur, zijn uitgever of een andere rechthebbende.

§4

Het Schoolbestuur Oostende heeft een licentieovereenkomst afgesloten met de erkende beheersvennootschap van muziekuitgevers SABAM/SEMU. De leerlingen eerbiedigen te allen tijde onderstaande voorwaarden:

  • elke reproductie van een beschermd werk wordt gemaakt aan de hand van een origineel uitgegeven en aangekocht exemplaar van de muziekpartituur op grafische drager, dat in het bezit is van de school of van de leerkracht;
  • de reproductie gebeurt uitsluitend op grafische drager, met uitdrukkelijke uitsluiting van elke digitale drager;
  • de reproductie wordt uitsluitend gebruikt binnen het Deeltijds Kunstonderwijs, binnen de lesactiviteiten, de examens en de andere activiteiten van de school zoals bekendgemaakt in een officiële activiteitenkalender;
  • de reproductie mag niet aan derden ter beschikking worden gesteld;
  • de reproducties mogen onder geen enkel beding worden verkocht;
  • het maken van integrale reproducties van methode- of studieboeken valt niet onder deze toestemming en is bijgevolg niet toegestaan.

§5 Bij alle werken die de leerlingen maken, worden zij als auteur beschouwd. De school kan hierop geen enkele afbreuk doen zonder de uitdrukkelijke toestemming van de leerling.

§6 Elk gebruik van kopieën van beeldmateriaal dat niet door reprografie of reproductierecht van de school is gedekt, valt onder de verantwoordelijkheid van de eigenaar van de kopieën.

§7

De leerlingen worden uitgenodigd om alle werken die op school werden gemaakt in de loop van het schooljaar vrij ter beschikking te stellen van de school.
Deze werken kunnen enkel worden gebruikt voor didactisch- pedagogische doeleinden (voorbeeldfunctie) of activiteiten die de school naar buiten uit moeten vertegenwoordigen (tentoonstellingen, opendeurdagen, drukwerk, ...).
De leerlingen ontvangen hiervoor geen vergoeding.


§8 De school verbindt er zich toe om, bij iedere activiteit waarbij op de één of andere manier gebruik wordt gemaakt van werken van leerlingen, de naam van de leerling te vermelden en het recht op eerbied voor deze werken te garanderen.

Hoofdstuk 17

Activiteiten en initiatieven van leerkrachten, leerlingen en de school

Artikel 56
Algemene regel

§1 De leerlingen en de ouders van de minderjarige leerlingen worden schriftelijk uitgenodigd hun medewerking te verlenen aan openbare voorstellingen, tentoonstellingen of aan andere kunstmanifestaties die door de school worden georganiseerd. Participerende leerlingen zijn steeds verzekerd via de schoolverzekering.

§2 Leerlingen en personeelsleden die deelnemen aan kunstmanifestaties buiten de school en daarbij de naam van de school willen gebruiken, moeten daarvoor de schriftelijke toestemming van de directeur vragen/krijgen. Het gebruik van de naam en het logo van de school is aan bepaalde voorwaarden verbonden. Indien het werk tot stand is gekomen in een atelier van de school en onder begeleiding van een leerkracht moet dit uitdrukkelijk worden vermeld.

§3 Activiteiten die door leraars, leerlingen of derden op eigen initiatief worden georganiseerd voor een bepaalde leerlingengroep, vallen niet onder de verantwoordelijkheid van de school en de betrokken leerlingen zijn daarbij dan ook niet verzekerd via de schoolverzekering.

§4 Werken van leerlingen, die voorgesteld worden tijdens een evaluatie of proeven of die geselecteerd worden voor tentoonstellingen of een andere kunstmanifestatie kunnen eventueel voor onbepaalde tijd door de school weerhouden of opgevraagd worden voor het archief van de school.

§5 Alle teksten die leerlingen in de school rechtstreeks of onrechtstreeks wensen te verspreiden moeten vooraf aan de directeur worden voorgelegd ter goedkeuring. De directeur kan verspreiding van teksten verbieden.

 

Hoofdstuk 18

Privacy

Artikel 57
Algemene regel

Het Schoolbestuur leeft de verplichtingen na die voortvloeien uit de privacywetgeving bij het behandelen van de noodzakelijke leerlingengegevens. De school zal geen leerlingengegevens aan derden meedelen, tenzij voor de toepassing van een wettelijke of reglementaire bepaling. De school maakt gebruik van een digitaal leerlingen-evaluatiesysteem.

Artikel 58
Gebruik van verborgen camera’s

De school gebruikt geen verborgen camera’s, tenzij met het oog op het vastleggen van feiten of handelingen die schade toebrengen aan personen of zaken binnen de instelling. Er moeten ernstige en gestaafde vermoedens bestaan omtrent deze feiten en handelingen. Het moet gaan om feiten en handelingen die niet op een andere wijze kunnen worden vastgesteld.

Artikel 59
Gebruik van geluids- en beeldmateriaal van leerlingen

§1 De school kan geluids- en beeldmateriaal van leerlingen maken en publiceren.

§2 Voor het maken en publiceren van niet-gericht geluids- en beeldmateriaal in schoolgerelateerde publicaties zoals de website van de school of de stad/gemeente, publicaties die door de school of de stad/gemeente worden uitgegeven, wordt de toestemming van de leerlingen/ouders vermoed. Onder niet-gericht geluid- en beeldmateriaal verstaan we geluids- en beeldmateriaal dat een eerder spontane, niet-geposeerde sfeeropname weergeeft zonder daarvoor specifiek één of enkele personen eruit te lichten. Het gaat bijvoorbeeld om een groepsfoto tijdens een activiteit van de school. De betrokken leerlingen/ouders kunnen schriftelijk hun toestemming weigeren.

§3 Voor het maken en publiceren van gericht geluids- en beeldmateriaal zal voorafgaandelijk de toestemming van de leerling en de ouders van de minderjarige leerling gevraagd worden. Hierbij wordt het soort geluids- of beeldmateriaal, de verspreidingsvorm en het doel gespecificeerd.

§4 Leerlingen mogen geen beeld- en/of geluidsmateriaal maken of publiceren zonder uitdrukkelijk akkoord van het betrokken personeelslid.

Hoofdstuk 19

Digitale toepassingen en het internet

Artikel 60
Algemene regel

§1

De leerling moet ter beschikking gestelde computers en digitaal materieel met respect behandelen, opstarten en afsluiten zoals het hoort. Het is niet toegelaten vreemde of niet-legale software op de computers te plaatsen of de instellingen te wijzigen of de hardware (computers, printers, scanners, …) aan te passen, af te koppelen of te verplaatsen. Bij problemen met een computer of het netwerk meldt de leerling dit aan de leerkracht.


§2

Indien een leerling opzettelijk schade berokkent aan de hardware en/of  het systeem of het netwerk besmet met virussen of spy-ware, de instellingen van essentiële software wijzigt, zal hij/zij de kosten voor herstel of eventuele vervanging moeten vergoeden.

Artikel 61
Gebruik van internet

§1

Het gebruik van internet in de klaslokalen kan enkel tijdens de schooluren. Het gebruik van internet is gratis maar kan enkel indien het bedoeld is voor het vervullen van schoolopdrachten. De toegang tot het internet is in principe enkel voor professioneel gebruik. Volgende handelingen zijn niet toegelaten:

  • het downloaden/uploaden van grote bestanden (> 500kb) tenzij met toestemming van de leerkracht in het kader van een lesopdracht;
  • het downloaden/verspreiden/raadplegen van gegevens in strijd met auteursrechten, gegevens over school, medewerkers, leerkrachten, leerlingen, … (deze opsomming is niet limitatief);
  • het gebruik van peer-to-peer of andere downloadapplicaties (al dan niet voor eigen gebruik);
  • het inspelen op of het verspreiden van kettingberichten, het rondsturen van berichten die iemands waardigheid kunnen aantasten, berichten die de geadresseerde zou kunnen beschouwen als racistisch, algemeen discriminerend (op basis van geslacht, seksuele geaardheid, godsdienst, afkomst, handicap, …), seksueel intimiderend, … (deze opsomming is niet limitatief);
  • het gebruik van chatprogramma’s of chatwebsites, sociale netwerken of commerciële websites tenzij met toestemming van de leerkracht, in het kader van de lesopdracht;
  • het bekijken van publicaties van pornografische, racistische of andere discriminerende of seksueel intimiderende aard, zelfs indien het gaat om wettelijk toegestane  websites;
  • elke andere digitale handeling die de goede naam van de school kan hypothekeren.

§2

Bij een vermoeden van misbruik of overtredingen kan het e-mail- en internetgebruik van de betrokken leerling aan een nader onderzoek onderworpen worden door de ICT- coördinatoren van de school. De ICT-coördinatoren beogen met deze controles niets meer dan het realiseren van bovenstaande doelstellingen en de goede werking van de communicatiemiddelen te verzekeren. Eventuele controles gebeuren in overeenstemming met de privacyreglementering.


§3

Leerlingen die in het kader van de lessen of specifieke opties op eigen hardware een persoonlijke toegang verkrijgen tot het internet, via het secretariaat, moeten zich houden aan de regelgeving (hotspotprotocol) ter zake en verklaren hiervan op de hoogte te zijn na ondertekenen van het aanvraagformulier.

 

Hoofdstuk 20

Klachtenprocedure

Artikel 62

§1

Elke ouder kan naar aanleiding van schoolgerelateerde beslissingen of feiten een klacht indienen bij de directeur en/of bij de vertegenwoordiger van het Schoolbestuur, het hoofd van dienst- inspecteur Onderwijs (dienst Onderwijs – Stadhuis – Vindictivelaan 1, 8400 Oostende – T 059/80.55.00).
Deze klacht wordt schriftelijk en op gemotiveerde wijze ingediend uiterlijk binnen de zeven kalenderdagen na kennisneming van de beslissingen of feiten.
De directeur en/of het hoofd van dienst- inspecteur Onderwijs doen/doet een schriftelijke of digitale ontvangstmelding van de klacht binnen de tien kalenderdagen na ontvangst.


§2

Vooraleer verder te gaan met de procedure onderneemt de directeur eerst een bemiddelingspoging met alle betrokkenen. Deze bemiddeling kan bestaan uit een overleg tussen de betrokken leerling en/of de ouder(s) van de minderjarige leerling en de bevoegde perso(o)n(en), al dan niet in aanwezigheid van de leerkracht of een bij de klacht betrokken personeelslid.
Als dit overleg niets oplevert, stuurt de directeur de klacht door naar het Schoolbestuur. Hij doet dit binnen de tien kalenderdagen na de ontvangst van de klacht.


§3

Het Schoolbestuur kan het dossier opvragen en/of inlichtingen inwinnen (indien niet in eigen bezit) bij de betrokken school binnen de tien kalenderdagen na ontvangst van de klacht. Het Schoolbestuur maakt hiervan in voorkomend geval melding aan de betrokken ouder(s).


§4

Het Schoolbestuur behandelt de klacht niet indien de klacht kennelijk ongegrond is, anoniem is, of de ouder geen belang heeft.
Als de klacht niet in behandeling wordt genomen, wordt de ouder daarvan onverwijld schriftelijk in kennis gesteld. De weigering om een klacht te behandelen, wordt gemotiveerd.


§5

Het Schoolbestuur neemt na onderzoek een gemotiveerde beslissing. Deze beslissing wordt binnen de tien kalenderdagen schriftelijk aan de betrokkenen meegedeeld. Desgevallend doet het Schoolbestuur betekening van het besluit waarbij de oorspronkelijke beslissing wordt ingetrokken of hervormd. Deze betekening gebeurt binnen de tien kalenderdagen na het nemen ervan.


§6

Indien de behandeling van de klacht diverse weken of maanden in beslag neemt, informeert de directeur of het Schoolbestuur regelmatig de betrokken ouder(s) over de stand van het dossier en dit minstens om de drie maanden.


§7

De klachtenprocedure schorst de beslissingen waartegen de klacht wordt ingediend niet op.

 

Hoofdstuk 21

Slotbepaling

Artikel 63

Meer praktische regels en afspraken worden opgenomen in de jaarlijkse ‘Informatiebrochure’ voor leerlingen en ouders’.
De afspraken in deze schoolbrochure maken integraal deel uit van het Schoolreglement.



Kunstacademie aan Zee - Bijdrageregeling voor leerlingen

Schoolmateriaal

Prijs

Toelichting

1. Inschrijvingsgeld

 

Wettelijk bepaald door de hogere overheid.
Wijzigt jaarlijks

2. Bijdrage Schoolbestuur

3,00 euro

 

3. Schoolagenda

Gratis

 

4. Karton

 

 

Grijs karton (70 x 100 cm))

0,80 euro/stuk

 

Inlijstkarton (70 x 100 cm)

1,50 euro/stuk

 

5. Papier

 

 

Tekenpapier (40 x 60 cm) gewoon

0,10 euro/stuk

 

Tekenpapier (40 x 60 cm) zwaar

0,25 euro/stuk

 

Schetspapier 10 stuks (50 x 60 cm)

1,00 euro/stuk

 

Zwart papier (50 x 70 cm)

0,50 euro/stuk

 

Steinbach papier (70 x 100 cm)

1,25 euro/stuk

 

Pak zijdepapier

1,00 euro/stuk

 

Aquarelpapier (50 x 70 cm) licht

1,00 euro/stuk

 

Aquarelpapier (50 x 70 cm) zwaar

1,75 euro/stuk

 

Pastelpapier (50 x 60 cm)

0,80 euro/stuk

 

Etspapier (70 x 10 cm)

5,50 euro/stuk

 

Rol tekenpapier (1,50 x 10 m)

30,00 euro/stuk

 

6. Andere

 

 

Oefenklei

4,00 euro/per pak van 10 kg

 

Bakklei

9,00 euro/pak van 10 kg

 

Gips

14,00 euro/pak van 25 kg

 

Jutte (1 m x 1,6 m 125 gr)

2,00 euro

 

Jutte (rol 25 m x 15 cm)

6,50 euro

 

Bister

1,50 euro per 100 gram

 

Calicodoek (per strekkende meter)

3,00 euro

 

7. Verbruikersmateriaal allerlei

 

 

Tijdens het schooljaar kan door de leraar gevraagd worden om verbruikersmateriaal zelf aan te kopen   en ook om restmateriaal mee te brengen.

Onbepaald

In de Kunstacademie aan Zee wordt zorgvuldig met materiaal omgesprongen. Daarom wordt niet overdreven in de vraag tot aankoop. In geval van betalingsproblemen kan contact worden opgenomen met de directeur.

8. Pedagogische uitstappen

max. 30,00 euro

 

 

 

 


Kunstacademie aan Zee





Copyright © 2004-2017 Stedelijk Onderwijs Oostende.
Stel je schermresolutie in op minimaal 1024x768 pixels voor een optimale ervaring.